vrijdag 20 februari 2009

Onderzoeksvragen

Ik ben vandaag druk geweest met mijn werkplan, blijft lastig. Ik heb een aantal onderzoeksvragen opgesteld en ben benieuwd wat jullie ervan vinden!

De hoofdvraag is:
Op welke momenten, tijdens welke lessen en op welke manier kan het cooperatief leren in de kleutergroepen worden toegepast?

De deelvragen:
1. Welke cooperatieve werkvormen zijn er voor de kleuters?
2. Over welke basisvaardigheden moeten kleuters beschikken om te kunnen
samenwerken?
3. Welke basisvaardigheden horen kleuters na de kleuterklas te beheersen en op welke manier
kan dit doel bereikt worden?
4. Welke situaties lenen zich het best voor coöperatieve werkvormen?
5. In hoeverre kan GIPS toegepast worden bij de kleuters?
6. Hoe ervaren de kinderen coöperatief leren?

Ik heb al een keer eerder onderzoeksvragen gepost, maar die waren meer voor het vooronderzoek. Ben benieuwd wat jullie van deze vragen vinden!

3 opmerkingen:

  1. Michaela

    Bij het soort onderzoek dat jij aanpakt, is meestal een hoofdvraag die begint met: : "Hoe kun je...." heel geschikt. Bijvoorbeeld: "Hoe kun je bereiken dat kleuters tijdens het werken in hoeken tot coöperatieve samenwerking komen".
    Zo'n vraag leidt tot een aantal deelvragen (wat is cooperatief leren eigenlijk; wat zegt de ontwikkelingspsychologie over de samenwerking van kleuters; welke coöperatieve werkvormen worden er in de onderbouw gebruikt...)
    Je zou met zo'n vraag zelfs een voor- en nameting kunnen doen:
    a. Je legt vast hoe kinderen op dit moment samenwerken (bv op video en werkt dit uit in een aantal gedragscategorieën)
    b. Je schenkt een aantal keren aandacht aan "spelregels" bij het samenwerken en
    c. Legt dan weer vast op welke manier het samenwerken verloopt,
    d. waarna je voorlopige en voorzichtige conclusies trekt.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. De reactie van Eric roept bij mij vooral ook de aandacht voor deelvaardigheden op. Kinderen (en zeker kleuters) kunnen alleen (coöperatief) samenwerken, als ze een aantal deelvaardigheden beheersen, die ze impliciet (via werkvormen) of expliciet (bijv. en o.a. in coöperatieve werkvormen) hebben geoefend. Het gata om dingen als: beurtverdeling, luisteren, reageren op anderen, etc. In sommige beschrijvingen worden daarvoor taken verdeeld (beurtbewaker, tijdbewaker, etc.). Soms wordt daarbij gewerkt met pictogrammen. Een beschrijving is o.a. terug te vinden bij Mariët Förrer.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Super, Eric & Albert, hier kan ik wat mee!

    BeantwoordenVerwijderen